Bonaire, the Windy Island


Eindelijk vakantie, al zijn we te moe om met vakantie te gaan. Ons bed lokt ons eerder dan een vroege taxi naar Schiphol met al het gezeul van koffers en duiktassen en alles weer uitpakken voor de security, waar men je een compliment maakt over de mooie duiklampen, die precies onderin onze tas zaten, en waarvan men niet precies kon zien wat het was. Maar ach, je moet er wat voor over hebben om van een lekker zonnetje in December te kunnen genieten en om lekker te kunnen duiken.

Dus togen wij op 11 december bepakt en bezakt vol goede moed met de A.L.M. of te wel Dutch Caribbean Airlines via Curacao naar Bonaire. En flink bezakt kan je wel zeggen, want de eigenaresse van de Donkey Help te Bonaire (via wie wij onze bungalow huurden) had ons gevraagd om een “klein tasje” met pluche ezeltjes voor haar mee te nemen, die ons vanuit Hamburg geleverd zouden worden en of we en passant ook nog vier stalen steunen voor haar IKEA keuken konden meenemen en een stapel kerstkaarten, want die waren daar zo duur. Ok, doen we en dat resulteerde in 9 kg. extra bagage. Geen probleem, even lief lachen naar de dame van de incheck balie, even wapperen met je reisburo kaartje en hup, daar gingen we de lucht in met zo’n 64 kilo bagage (de handbagage met de lampen en een groot deel van de leesboeken niet meegerekend).

We hadden gelukkig vertraging, hoe kan het ook anders, maar eindelijk zaten we in de lucht. Wij waren een van de weinige blanken, konden we alvast wennen. Na een paar uur begon de lol. We zagen de steward met armen vol blikjes bier voorbij komen (nee, dat was niet om die bolletjes te laten zwemmen, maar dat was omdat men zo’n dorst had). De pret kon beginnen, dronken passagiers, ruziemakende passagiers en een hele kalme bemanning, dat moet gezegd. De “incognito”veiligheidsagenten moesten er aan te pas komen. Ook weer overleefd. Na drie uur wachten vlogen we in een bijna leeg mini propellervliegtuigje naar Bonaire, waar ons ontvangst comité klaarstond en ons in haar pickup naar de bungalow bracht.

Het was heerlijk zwoel weer en we waren binnen een paar minuten bij onze bungalow in Belnem, wat onder de rook van de luchthaven ligt. Schattige kleine, gele bungalow aan de Kaya Uranius met een porch en een grote tuin erom heen en aan de voor en achterkant een klein terrasje. Aan de voorkant keken we uit over oneindige lage bossages en aan de achterkant keken we op de bungalow van onze vrienden, die een ietsje groter en luxer dan de onze was (Zij waren met 5 personen). De gratis auto (oftewel koekjesblik op wielen) stond al klaar in de porch. Boodschappen stonden er ook al, dus zaten we al spoedig aan de koffie.

Dit is trouwens een manier van op vakantie gaan, die ik een ieder kan aanraden: een losse vlucht, een bungalow huren via Donkeys Help (kosten voor 2 pers. NLG1350 per week incl auto, transfer en 1ste boodschappen) en elke extra persoon kost NLG100 per week (prijzen 2001/2002). De bungalows variëren van standaard tot luxe, maar hebben allemaal minimaal woonkamer/keuken/2 slaapkamers met airco/badkamer/garage c.q. schuur/auto, tuin en buitenslang voor spoelen duikspullen.

’s Avonds lekker iets gedronken bij onze vrienden, die ons trakteerden op de vangst van een schorpioen in hun badkamer omdat die de heer des huizes in zijn grote teen had gebeten. De beet van een gele schorpioen is niet dodelijk, wel zeer pijnlijk. Onze bungalow werd daarom uitgebreid bij terugkomst onderzocht en we doken redelijk vroeg ons mandje in i.v.m. de jetlag. Ook op 12 december nog geen duikactiviteiten ontplooid, maar boodschappen ingeslagen; pas op 13 december zijn we naar PhotoTours bij Caribbean Court gegaan om fles en lood te regelen, alsmede de fotocursus van Ab.

Onze eerste uitloodduik maakten we zoals gewoonlijk bij Windsock. Met onze 5 mm. pakken heb ik nog steeds 9 kg en Ab nu 10 kg nodig. We zijn net ietsjepietsje te zwaar, maar dat is beter dan te licht. Het water is op diepte 28 C. Er staat redelijk veel branding en we genieten van de duik, omgeven door koffervissen, soldaatvissen, snappers etc. Windsock is een hele makkelijke duikstek met strand. Ook zien we dat het koraal zich weer redelijk aan het herstellen is, vergeleken met december 2000. Ongemerkt belanden we (Ab met John) op 34 meter, waar we nog net een kleine, donkergroene murene zien wegschieten. Ik vind 28 mtr. welletjes, want zo’n 1ste duik geeft me toch altijd weer de kriebeltjes of al mijn materiaal wel echt in orde is, ook al heb ik het 1000x gecontroleerd. Plus het feit dat ik voor 2001 nog niet veel duiken in mijn logboekje had staan. ’s Avonds geen zin in uitgebreid kokkerellen, dus we gaan met zijn allen lekker uit eten.

De volgende dag proberen we op aanraden van onze vriend een nieuwe duikstek uit : VISTA BLUE (Zuid Bonaire voorbij Pink Beach voor de kenners). Het is een beetje klauteren om het water in te komen over de grote koraalbrokken en een flinke branding, maar uiteindelijk liggen we erin. We hebben een zicht van minimaal 35 meter en het water is 29 C. We blijven steken op 24 meter, dieper hoef je hier niet te gaan. S c h i t t e r e n d, in een woord. Schildpadden, flamingo tongen (slak), koffervissen, ballonvissen, clownsgarnalen, scholen vlindervissen, heel veel sponzen, en....en....... Stop, anders word ik lyrisch.

Bij het verlaten van het water vindt een worstelpartij met de golven en de branding plaats, die helaas door mij verloren wordt. En ik kan net Ab geen blauw oog slaan omdat die staat te lachen. Flauw hoor. En van kompas lezen heb ik nog steeds geen kaas gegeten, ik moet toch nog eens een specialist op de kop duiken, die mij daar wegwijs in kan maken. Nu laat ik het lekker aan Ab over.

Het blijft bij één duik vandaag en op 15 december beproeven we weer ons geluk bij een voor ons nieuwe duikplaats: Ol’Blue (noord Bonaire vóór Karpata). Hier heb je 2 gele paaltjes, de duikplaats bij het rechterpaaltje is het mooist: Schildpadden, grote blauwe papagaaivissen, witte murenes, pijlkrabben, vijlvissen, trekkersvissen, baarzen, en ga zo maar door. Reeds op 5 meter vind je een woud van gorgonen met veel sponzen. Er is een weinig stroming en branding.

Op 16 december start de fotocursus van Ab en hij krijgt een zeer getalenteerde belgische fotograaf mee, Rudy, die ook een boek over Zeeland heeft geschreven. Hij schijnt bij de top 5 van Europa te horen. Ze gaan duiken bij het 2e rif van Angel City en Rudy houdt van tempo zwemmen en hij weet de leuke plekjes wel te vinden. De foto’s zijn zeker de moeite waard, blijkt later. Helaas is Ab een beetje verkouden en werken zijn holtes en oren niet mee. Ik lig met een boek lekker in de zon bij Windsock. ‘sMiddags duiken we weer samen bij het Bari reef voor het Sand Dollar Hotel om het fotorolletje vol te maken. Het is ook af en toe net een aquarium waar je in zwemt.

De tweede fotoduik met Rudy is op 17 december bij Andrea I, waar Ab een frogfisch in zijn (macro) vizier krijgt. Tevens worden ze vergezeld door super tarpons en een school horsemakrelen.(Paardemakrelen???). ‘sMiddags gaan Ab en ik zelf op zoek naar de frogfish, want die heb ik nog nooit gezien. Als je niet weet waar je op moet letten, zwem je dat beest zo voorbij.

Een kleine goldentail murene komt nieuwsgierig naderbij en we zetten hem gelijk op de foto, evenals een flamingo tong (wat een naam, ik heb nog nooit een flamingo met zo’n tong gezien). Ik heb mijn Epoque kamera maar thuis gelaten, want het lukt me niet echt om daar mooie foto’s mee te maken, dus wie hem van me wil overnemen??? De laatste fotoduik wordt op 18 december voor het Buddy Dive Hotel gemaakt, waar Ab enthousiast witte lettuce (sla???) naaktslakken op de foto zet. Vreemde benamingen, hoor.

Bij het Buddy Dive hotel kan je van 2 trappen het water in en je kan ook je spullen na de duik afspoelen. Omdat de duiksteiger bij het Sand Dollar hotel tijdens de laatste orkaan weggeslagen is, hebben ze nu ter vervanging een houten duiktrap gemaakt, die uitkomt op een klein strandje. Hier kan je ook je spullen na de duik uitspoelen.

De duiklocatie bij Captain Don is helemaal perfect, houten trap het water in, spoelmogelijkheden en je kan er wat drinken/eten na de duik, alleen….. sinds juli 2001 hebben ze bedacht, dat duikers, die niet in Captain Dons hotel verblijven voor elke duik USD5 p.p. moeten betalen.

We duiken ‘s middags nog even samen bij Buddy Dive en gaan ’s avonds weer lekker uit eten in de Tuin, een restaurantje aan de kant van de Maduro bank in het centrum van Kralendijk. Het nieuwste menu is een e-mail menu: als je dit bestelt, mag je gratis één e-mail versturen. Doen we niet. ‘s Avonds verrast de zoon van onze vriend ons met de volgende mededeling: het wemelt van de schorpioenen op de witte koraalsteentjes van onze beide tuinen. En ja hoor, hij heeft gelijk, omdat het regentijd is komen de vnl. gele schorpioenen onder hun stenen vandaan om een wandelingetje te maken. En dat zegt hij nu pas, terwijl ik al zeker 7 avonden doodgemoedereerd de tuin in ben gelopen om onze natte spullen op de waslijn te hangen!!

Woensdag 19 december begint goed: We stappen allemaal in onze auto’s met koelboxen en duikspullen om op zoek te gaan naar een nieuwe duikstek, genaamd Nukove voorbij de BOPEC Olieopslagplaats . Wij met ons koekjesblik een weg op, die je eigenlijk zou moeten berijden met een jeep. Enfin, we komen er, verkleden ons en het noodlot slaat toe: Bij een grote afstap van de rotsen op het strandje zakt Ab met zijn voet weg in het rulle zand en verdraait zijn knie, en goed ook blijkt later. Hij strompelt toch naar het water om te duiken, maar kan bij terugkomst bijna geen stap meer lopen en nog minder autorijden. Ik moest nu terugrijden, wat voor mij een klein dramaatje is, want ik rijd NOOIT in het buitenland, zeker niet met Ab naast me en zeker niet op zo’n “weg”. Trouwens, duikplaats viel tegen, veel vernield tijdens laatste orkaan en er zit nog weinig verbetering in.

Eigenwijze Ab wil ‘s avonds toch met ons een nachtduik maken bij Captain Dons (een hele schitterende duik trouwens met een weinig stroming), maar het lopen gaat steeds moeilijker en pijnlijker en na het eten besluiten we hem naar de EHBO van het ziekenhuis te brengen.

Hij krijgt onmiddellijk een pijnstiller ingespoten en een drukverband en moet zich rustig houden. Dan moet je echter geen Ab heten. Ik zie onze duikvakantie al in rook opgaan. Afijn, we houden ons gedwongen koest tot 22 december en ik doe me tegoed aan al mijn lees en lesboeken. Omdat onze vrienden op 23 december weer naar Nederland vertrekken, besluiten we op 22 december een boot met captain te huren om bij Klein Bonaire te gaan duiken.

We regelen het e.e.a. bij Photo Tours/Caribbean Court en we gaan duiken en vissen (Ab ook) bij Jerry’s Sponge/Reef. Veel stroom dus het wordt een korte duik voor Ab. Wel zien we schildpadden, verder is de duikplaats niet echt bijzonder. We varen langzaam om Klein Bonaire heen, redden en passant nog een scooter met afgeslagen motor en komen op de terugweg in een flinke storm terecht met hoge golven en veel wind. Ab z’n knie blijft roet in het eten gooien en op 24 december zitten we weer in het ziekenhuis, waar men foto’s maakt. Hij blijkt niets gebroken te hebben, maar er zit een scheur van 1.5 cm in zijn voorste knieband. Ab redelijk opgelucht besluit dat dat geen kwaad kan en op advies van de arts koopt hij een neopreen knieband om toch nog te kunnen duiken en lopen zonder al te veel problemen.

Om een lang verhaal niet al te lang te maken, duiken we vervolgens op 25 december bij Webers Joy (zeer mooi tussen 8-14 m.),en op 27 december bij onze favoriete duikstek Andrea I, waar het ook mooi snorkelen is. Supergrote baars bij poetsstation gezien en verder alle vissoorten die maar in de boeken staan. Op 28 december duiken we bij Angel City, 2e rif, een zeer mooie duikstek, bijna wel de mooiste. Koraal heeft zich hier perfect hersteld. Angel City is een dubbel rif, het beste is het 1ste rif op 10/12 m. over te zwemmen naar het 2e rif en dan pas afdalen naar max. 25/30 m.. Hier had ik de pech dat ik mijn fles niet goed in de achterbak van de auto zette, de fles viel uit de auto met de afsluiter op mijn hogedrukslang en kompas. Vaarwel kompas en ik kon ‘smiddags een nieuwe hogedrukslang kopen. Op mijn 2e duikdag had ik al de pech dat de batterij van mijn computer leeg was (ja zeg het maar…..) We hebben stad en land afgelopen om zo’n p………batterij te bemachtigen.

Op 29 december, tijdens onze laatste duik (snif) presteerde ik het weer. We gaan duiken bij Angel City, we snorkelen naar het gele paaltje en tijdens het afdalen valt mijn fles uit mijn stabjack (wat nou buddycheck….). Ik heb moeite met klaren (verkouden) maar ik moet en zal die 40 m. halen en het is me gelukt. In een spleet ontdek ik opeens een superkrab, bijna net zo groot als een Noordzeekrab. Ook zie je de Goldentail murene hier veel.

We nemen afscheid van de baarzen, snappers, keizersvissen, schoolmasters, tarpons, etc. etc. En we gaan genieten van onze laatste dagen op Bonaire, omgeven door oliebollen, vuurwerk en mooi verlichte huizen. Op 30 december vliegen we via Curacao naar huis terug, maar omdat men vergeten was ons bij het herbevestigen te melden dat de vlucht vervroegd was, misten we bijna onze vlucht en hadden we geen zitplaatsen naast elkaar van Curacao naar Amsterdam. Wederom gewapperd met mijn reisburo kaartje om 2 stoelen in de business class te krijgen en wonder boven wonder dat lukte me.

Ook hier maken we weer wat geks mee: tijdens de aanloop om op te stijgen presteert een dronken droppie het om naar het toilet te gaan en wat gebeurt: de piloot breekt het opstijgen af, draait van de baan, zet het toestel stil en komt naar binnen om die passagier de mantel uit te vegen en hop de beveiliging erbij, leverde ons een vertraging van een uur op.

Gelukkig veilig geland, nee meneer niets aan te geven hoor (met een doosje vol schelpen en een “karko”bij ons …..o, mag dat niet?). Het temperatuurverschil met Bonaire bedraagt slechts 30 C. Zucht! Nu ja, met de foto’s erbij kunnen we nog even nagenieten en denken : Bonaire, tot de volgende keer!!!

Jokes

Terug naar reisverhalen